maandag 27 september 2010

Groei



Het verre roepen van een uil
De kilte van de noordenwind
Het langzaam vallen van de nacht
Een kreet: een mensenkind!


Vanuit het duister naar het licht
Val je ineens in het bestaan
Beginnend bij je moederborst
Heb je een lange weg te gaan


De eerste stapjes aan haar hand
De grote stappen die nog komen
De wereld opent zich voluit
En geeft je stof tot vele dromen


Je zuigt dat alles in je op
Zo helder is die eerste keer
Een uil, de wind, een sterrennacht
Je wilt nog zoveel, zoveel meer


Je leeft je leven als een droom
Het lijkt zo onbeperkt van duur
Volg je de stroom of volg je niet
De cirkelgang van de natuur


© 2010

zaterdag 18 september 2010

Egelweekend


Dit weekend is er speciale aandacht voor egels, omdat deze leuke en nuttige dieren steeds meer in het gedrang komen. In twee decennia is hun aantal waarschijnlijk met de helft afgenomen, zo is uit onderzoek gebleken. Egels hebben een voorkeur voor kleinschalige landschappen, die echter steeds zeldzamer worden. Ze leven ook in steden, waar ze in de schemering en ’s nachts hun kostje bij elkaar scharrelen in tuinen en plantsoenen, maar ook in parken en op begraafplaatsen. Daar zoeken ze insecten, wormen en slakken, en als het zo uit komt verschalken ze ook wel eens een muis. Omdat het vooral nachtdieren zijn zien we ze maar zelden. Hun aanwezigheid is soms af te leiden uit de drolletjes die ze achterlaten. Die zijn heel kenmerkend, omdat ze glinsteren door de vermalen dekschilden van de kevers die ze eten. Bij de Zoogdiervereniging kan iedereen die dit jaar egels heeft gezien, zowel levende als dode, dat registreren, zodat er meer zicht ontstaat waar egels voorkomen .


Egels hebben veel te lijden van het steeds drukker wordende verkeer. Ze lopen ’s nachts vaak vele kilometers met alle kans op een aanrijding. Ze zijn niet erg snel en hebben de neiging om langs de rand van de weg te lopen, wat vooral bij smalle wegen slachtoffers maakt. De meeste egels die we zien zijn dan ook platgereden exemplaren. De afgelopen week vond ik er drie, allemaal pubers en niet ver van elkaar, dus vermoedelijk uit hetzelfde nest. Ook het enorme gebruik van vergif werkt zeer nadelig voor egels. Ze eten van de vergiftigde insecten, slakken en muizen, en worden er ziek van of erger. Een extra probleem voor de egel is dat steeds minder stadstuinen groen en open zijn. De veel voorkomende verstening van tuinen, waarbij alles wordt betegeld en strak omheind, biedt egels geen mogelijkheden. Door dit alles neemt de levenskans van egels per jaar af, zo signaleert Egelbescherming Nederland. De Zoogdiervereniging heeft vorig jaar al opgeroepen om de egel op de Rode Lijst van bedreigde zoogdieren te plaatsen.

Gemeenten en tuineigenaren zouden veel kunnen doen om de egel meer kans te geven om te overleven. Als tuinen bijvoorbeeld via egelpoortjes met elkaar worden verbonden, dan vormen ze een aantrekkelijker leefgebied. Een opening van 12 x 12 cm in een hek of schutting is al groot genoeg om een egel door te laten. Gemeenten zouden groene gebieden in de stad zo veel mogelijk met elkaar kunnen verbinden, zodat er veilige migratieroutes ontstaan. Sommige gemeenten proberen echt rekening te houden met de behoeften van egels, zoals de gemeente Heemskerk. In Heemskerk legt men takkenbossen in plantsoenen, zodat egels daaronder beschutting kunnen vinden en een veilige plek hebben voor hun winterslaap. De gemeente Hengelo is nog niet zo ver dat er veel rekening met egels wordt gehouden. Zo lijkt het er sterk op dat bij de herinrichting van de oude begraafplaats, om maar eens een voorbeeld te noemen, het voor alles gaat om netjes. Het gras moet wekelijks gemaaid, de randen moeten strak en het blad moet weg. Maar egels floreren juist het beste in situaties die een beetje rommelig zijn. Als het gras wat langer is en er ligt hier en daar wat blad, dan zitten er meer insecten en valt er dus meer te eten. Het actiecomité Nee tegen Bomenkap Begraafplaats Bornsestraat pleit dan ook bij de gemeente voor meer aandacht voor de natuur op het oude kerkhof.

woensdag 15 september 2010

Vertrouwen


De winst van inspraak: bomen langs het Bevrijderslaantje

Eergisteren waren Sjoerd Heringa en ik op een gezamenlijk spreekuur van de Hengelose politieke partijen om hen te informeren over het feit dat bij de herinrichtingsplannen voor de oude begraafplaats omwonenden en gebruikers geen mogelijkheid hebben gehad om in de planfase daarover mee te praten. Bij de herinrichting van het Bevrijderslaantje vorig jaar was die mogelijkheid er wel, en dat heeft geresulteerd in een aanzienlijke verbetering ten opzichte van de situatie bij oplevering. Toen was er sprake van een door steen en asfalt gedomineerde ruimte met aan begin en eind een boompje. Door de inbreng van omwonenden is er uiteindelijk een rij bomen geplant, zodat het inderdaad enigszins op een laan lijkt. Het is een verschil van dag en nacht.

We hebben ook aangekaart dat er een gebrek is aan zorgvuldigheid, zoals bijvoorbeeld blijkt uit de argumentatie waarmee de kap van bomen wordt verdedigd, met als voorbeeld de onjuiste stelling dat bomen gebouwen zouden ondermijnen. Door een van de politici werd opgemerkt dat de gemeente toch zorgvuldig handelt, want zij had na de niet ontvankelijk verklaring van de tegen de bomenkap ingebrachte bezwaren de kap gewoon door kunnen zetten. Zo hadden we het nog niet bekeken, en vanuit dit standpunt bezien kun je zeker zeggen dat de gemeente zorgvuldig handelt door nu eerst een klankbordgroep de gelegenheid te geven om over de herinrichtingsplannen haar licht te laten schijnen. Hoe deze groep er uit gaat zien en of zij volledig geïnformeerd zal worden is nog onduidelijk. Tot nu toe was de informatievoorziening vaak gebrekkig, zoals bleek uit de buitengewoon slechte plattegrond die als bijlage aan de kapvergunning was toegevoegd. En dan is er nog de vraag hoe serieus de inbreng van de klankbordgroep genomen zal worden. Ter geruststelling zeiden de politici dat als het de verkeerde kant op gaat wij aan de bel kunnen trekken. We vertrouwen erop dat we een eerlijke kans krijgen.


zondag 12 september 2010

Onduidelijke status


Behalve de 35 bomen waarvoor vorig jaar een kapvergunning is afgegeven zijn er nog tenminste 7 bomen op de oude begraafplaats die als het verkeerd uit pakt het einde van het jaar niet zullen halen. De informatie over mogelijke kap komt merendeels van mensen die de voorlichting in mei hebben bijgewoond. Het gaat om een berk van een halve meter dik, een grote lijsterbes, een oude hoogstam appelboom die vol zit met lekkere, sappige appels, en verder nog 2 cypressen, een fijnspar en een magnolia. Tot nu toe heeft de gemeente alleen voor wat betreft de berk, de lijsterbes en de magnolia toegegeven dat het voornemen bestaat ze te kappen. De berk is kerngezond, net als de appel, de fijnspar en de magnolia. De lijsterbes is van matige kwaliteit en de 2 cypressen zijn matig tot slecht. Voor de berk en de lijsterbes moet alsnog een kapvergunning worden afgegeven vanwege hun omvang. Op de onderstaande door mij vernieuwde plattegrond van het kerkhof is te zien dat het grootste deel van het kerkhof eigendom is van de gemeente. Vanaf een diameter van 20 cm moet in dat gebied een kapvergunning worden afgegeven. Het veel kleinere deel dat in bezit is van de VGO is particulier terrein en daar geldt een grens van 30 cm. Het kappen van de lijsterbes en de appelboom gaat ten koste van de voedselvoorraad van vogels, de kap van de fijnspar gaat ten koste van de mogelijkheden van de groep eekhoorns, en aantal soorten zangvogels leeft van de fijne zaden van de berk.

De magnolia is een verhaal apart. De boom heeft lange tijd een beetje in de verdrukking gestaan tussen de beuken aan de kerkhofrand en een rijtje coniferen die tot enkele jaren terug achter de stenen gedenkbank stond. De magnolia is door die insluiting aan twee kanten recht omhoog gegroeid, het licht achterna, en dat wordt hem nu kwalijk genomen. Andere magnolia’s vertakken zich in alle richtingen en groeien meer breeduit. Deze doet dat dus niet en ja, dan val je uit de toon. De bloemen zitten ook nog eens allemaal hoog bovenin, zo werd gezegd. Dat lijkt zo voor wie niet goed kijkt, want sinds de coniferen weg zijn komen er zijtakken het gat opvullen. Als deze boom de tijd krijgt om verder te groeien, dan wordt hij steeds mooier. Grote kans dat de nieuwe zijtakken in de toekomst over de bank heen groeien, zodat je onder een bloeiende magnolia kunt zitten. Waar kan dat elders in Hengelo? Deze boom bloeit als laatste; zijn einde zal de bloeitijd van de magnolia’s op het kerkhof ook nog eens verkorten. Zo’n fraaie boom omhakken is niet verstandig.
De vraag is wat er nog meer tegen de vlakte gaat als de plannen voor herinrichting ongewijzigd doorgevoerd worden. Er zijn nog enkele magnolias die niet onder de beschermende werking van de boomverordening vallen, omdat ze net niet dik genoeg zijn. Ze zouden zomaar kunnen verdwijnen. Zullen de twee oude hoogstam perenbomen het overleven? Het blijft vooralsnog onduidelijk.

donderdag 2 september 2010

Hengelo ontgroent


Troelstrastraat kort voor de kap in september 2007 ten behoeve van de
aanleg van vrijliggende fietspaden
Twee jaar geleden, op 30-08-2008, beschreef Vincent Mulder, raadslid van de SP, in TCTubantia een ongrijpbaar monster dat met een niets ontziende gang door Hengelo sluipt. ‘Het levert niet de aanblik van een grote verwoestende veldslag, maar meer van een virus wat overal in de stad zorgt voor plaatselijke kaalslag.’ Dat Hengelo in ras tempo ontgroent maakte hij helder met een opsomming van wat er in korte tijd was verdwenen: prachtige lindebomen bij het winkelcentrum Hasseler Es, vele grote reuzen aan de Troelstrastraat, bomen aan de Industriestraat ter hoogte van het Esrein, drie forse Ginkgo’s aan de Anninksweg. En dan de kaalslag rondom de nieuwbouw van het ROC: alle prachtige acacia’s aan weerszijden van de Lansinkesweg, de imposante rij linden aan de Julianalaan, en 32 van de 35 veldesdoorns langs de Willem de Clerqstraat. Hoewel andere gemeenten als Deventer, Arnhem en Utrecht door boomsparende maatregelen veel bomen wisten te redden zijn noch de gemeente Hengelo, noch de lokale natuur en milieuraad bij machte het zaagmonster te stoppen, zo concludeerde hij destijds. Een beleid waarmee zo veel mogelijk bestaande bomen gespaard worden zou uitkomst kunnen bieden. De SP is daar al jaren voorstander van. Helaas gebeurt nog te vaak precies het tegenover gestelde. De oude begraafplaats is daar een goed voorbeeld van. Ongeveer 40 bomen dikker dan 20 cm dreigen binnenkort te verdwijnen om vaak aanvechtbare redenen. Een vijftiental jonge boompjes van het kaliber struiken op een stokje komen er voor in de plaats.

De storm van 15 juli heeft Hengelo zo'n 500 bomen gekost en dat was een flinke klap. Maar ik denk dat weinig mensen er zich bewust van zijn dat alleen al in het laatste kwartaal van vorig jaar de gemeente voor bijna evenveel bomen een kapvergunning heeft afgegeven als er bij die storm gesneuveld zijn. Het eerste kwartaal van dit jaar waren het er trouwens ook weer bijna 500. Dat zijn niet allemaal gemeentebomen, maar de gemeente is wel de grootste aanvrager. 's Zomers gaat het gelukkig niet zo hard vanwege de beschermende werking van de Flora en Faunawet, die verstoring in het broedseizoen verbiedt. Toch betrof het over de periode juli 2009 - juli 2010 ruim 1400 bomen. Vincent Mulder riep destijds alle Hengeloërs op om alert te zijn en het niet zover te laten komen dat ons laatste groen wordt weggeschoffeld voor wat wel 'de vooruitgang' wordt genoemd.

woensdag 1 september 2010

Zo hoort het (niet)!


Schietwilgen hebben vaak een scheve stam
Hoe het hoort, of hoe niet, daar kun je over van mening verschillen. Vaak heeft het te maken met een verschil in smaak of een verschil in kennis. De onjuiste gedachte dat hulst niet op een kerkhof thuis hoort, zoals in mijn vorige artikel ter sprake kwam, duidt op een gebrek aan cultuurhistorische kennis van deze boomsoort, maar het is ook goed mogelijk dat een kwestie van smaak op de achtergrond een rol speelt. Dat lijkt mij zeker het geval bij de uitspraak van voormalig wethouder dhr. Weber, die tijdens de gemeenteraadsvergadering van 23 februari zei dat coniferen op het kerkhofje niet passen bij lindebomen. Of de stelling dat mos niet op een pad hoort, zoals een van de rondleiders op een voorlichtingsdag in mei verkondigde. Over de wilgen die langs de betonnen schutting in het achterste gedeelte groeien werd toen opgemerkt dat wilgen zo niet horen te groeien. Wat is het geval: de stam is scheef! Het gaat hier om schietwilgen, die als kenmerkende eigenschap hebben dat ze een scheve stam hebben. Een boom wordt zo veroordeeld om zijn eigen specifieke karakter. Het lijkt er op dat de deskundige van dit feit niet op de hoogte was, hoewel scheefheid al eerder als argument van stal was gehaald om de kap van een prachtige magnolia goed te praten. Het lijkt dus in eerste instantie een kwestie van smaak. Eerder werd van deze wilgen gezegd dat ze een bedreiging zouden vormen voor de aanpalende linden. Dat zou best zo kunnen zijn als men ze onbekommerd verder zou laten groeien, want ze kunnen een hoogte van wel 30 meter bereiken. Dat is een meter of 10 hoger dan de linden een tiental stappen verderop. Schietwilgen laten zich echter prima knotten, en dat gebeurt ook overal waar de hoogte beperkt moet blijven. Dat zou hier ook kunnen. Is een wilg dan zo’n ordinaire boom dat die niet op een kerkhof thuis hoort? Ik vindt dat deze 3 wilgen een plek verdienen omdat ze heel veel soorten insecten kunnen herbergen. Dat maakt ze tot een provisiekamer voor allerlei zangvogels. Het knotten stimuleert dat nog eens. Omdat er voor vogels bij de herinrichting zoveel dreigt te verdwijnen, zou het goed zijn om toch nog eens met andere ogen naar zowel de wilgen als de hulstbomen te kijken.