woensdag 28 juli 2010

Een hart voor bomen

Schetsontwerp voor een bomenhart in Thiemsland                  

Honderden stammen zijn te dik voor de versnipperaar, waar alles tot 40 cm diameter in verdwijnt. Wat te doen met alle resterende bomen van de windhoos van 12 juli? Mijn idee is om een groot aantal stammen in verschillende lengtes recht overeind tegen elkaar te zetten in de vorm van een lindeblad. Lindebomen werden van oudsher geassocieerd met liefde en vruchtbaarheid. Het blad is hartvormig en je kunt er een boom in zien.

De opbouw moet zo zijn dat er een geleidelijk niveauverschil ontstaat tussen top en voet. De voet zou iets verzonken moeten worden, zodat het lijkt of het geheel in de grond wegzakt, of er juist uit te voorschijn komt. Dat is ook precies wat er vervolgens zou moeten gebeuren. Langzaam aan zullen de stammen vermolmd raken, de een sneller dan de ander. Ze vormen zo een voedingsbodem voor nieuw leven. Eerst zullen mossen en paddestoelen verschijnen, jaren later planten en nog veel later, waarschijnlijk pas na decennia, heesters en bomen. Het gaat om twee tegengestelde bewegingen. Het verval van de stammen is een beweging richting de aarde, terwijl het ontstaan van nieuw leven een beweging is richting de hemel. Een oefening in geduld.

Het hart is gesitueerd in Thiemsland langs het wandelpad dat in het verlengde van het Heemafstraatje ligt, maar kan natuurlijk op een andere locatie gerealiseerd worden, als er maar plek is voor iets van pakweg 10 bij 15 meter. Staat het eenmaal, dan moet de tijd haar werk kunnen doen. Belangrijk is dat het met rust gelaten wordt, wat wil zeggen dat er geen groenonderhoud wordt gepleegd. De natuur moet er ongestoord haar gang kunnen gaan. Zo zou na verloop van tijd een microreservaat kunnen ontstaan met bijzondere planten- en dierensoorten. Dat is natuurlijk ook afhankelijk van de aantallen mensen die deze plek gaan gebruiken. Het is weliswaar geen speelobject, maar het is wel mogelijk het te betreden.

Mijn ontwerp benadrukt de liefde voor het leven en berust op de gedachte dat leven en dood onlosmakelijk met elkaar zijn verbonden; het een komt voort uit het ander.

Lees hier Bomenhart in aanbouw, en hier Een hart voor bomen, deel II

dinsdag 20 juli 2010

Een tweede leven


De zomerstorm van vorige week maandag betekende alleen al in Hengelo het vroegtijdige einde voor ongeveer 500 bomen. De helft waaide om en de andere helft is of wordt gekapt vanwege ernstige beschadiging en de risico’s die dat met zich mee kan brengen. De gemeente wil een gedeelte van deze bomen een tweede leven geven en roept iedereen op die een goed idee heeft voor een herbestemming om dat door te mailen of te bellen (wijkaanpak@hengelo.nl; 074-2459231). Dat kan tot 30 juli. Banken en krukjes liggen voor de hand, maar ook andere ideeën zijn welkom. Ook een kunstwerk is mogelijk. Voorwaarde is wel dat het resultaat geplaatst wordt in de openbare ruimte op een zachte ondergrond, zoals gras.

In de zomer van 2005 maakte ik uit een groot aantal stukken en stukjes hout het werk ‘de kersenboom’ in het voormalige politiebureau aan de Marskant, dat korte tijd later gesloopt is. Ik gebruikte stamdelen, takken en takjes, schors en houtsnippers van gekapte Hengelose bomen van allerlei soorten, die ik in de jaren daarvoor verzameld had. Ik bouwde het op in een van de oude kantoren, waardoor het niet groter kon zijn dan 7 bij 3 meter. Met een deel van de bomen die op 12 juli neer gegaan zijn zou op een dergelijke manier een nieuwe ‘boom’ gemaakt kunnen worden, als een ode aan alle bomen die op deze dag hun einde vonden. Met de hoeveelheid hout die nu voor handen is zou zoiets veel en veel groter uitgevoerd kunnen worden, bv. 30 bij 10 meter. Dan heb je een monument, een plek die herinnert aan deze gedenkwaardige storm die zoveel bomen fataal werd, maar die gelukkig in onze gemeente geen mensenlevens eiste.

vrijdag 16 juli 2010

Monument


Als een monument ter nagedachtenis aan een gevallen reus staat het restant van de alom bekende oude eik bij de Waarbeekschool aan de Twekkelerweg nog aan de straatrand te wachten op wat komen gaat. De windhoos van 12 juli maakte een einde aan het leven van deze oudste boom van Hengelo. Naar schatting dateert hij van rond 1750. Hij groeide op langs de oude kronkelweg naar Twekkelo, te midden van heidevelden die toebehoorden aan de marke Groot Driene. Bij de verdeling van de marke rond 1850 kwam de grond waarop hij stond in particulier bezit en werd begonnen met het in cultuur brengen van dit eertijds gemeenschappelijke bezit. De gemeente kocht het perceel in 1903 van de familie Groothuis voor f 1,25/m2 om er de Waarbeekschool op te bouwen. Eigenaar Jan Hendrik Groothuis stelde bij de verkoop de voorwaarde dat de gemeente de eik in de voortuin niet zou kappen. De gemeente heeft zich daar gelukkig aan gehouden, ook al werd de boom bij het recht trekken en verbreden van de Twekkelerweg een obstakel van formaat.

Zoals zoveel zeer oude bomen had ook deze eik een holle stam. Het uithollen van de stam is een natuurlijk proces, waarbij het dode kernhout vermolmd raakt. Een holle stam vormt geen gevaar voor een boom, behalve als er een scheur ontstaat, zoals bij deze eik aan de achterkant ooit gebeurd is. In het verleden is al eens de hulp van een boomchirurg ingeroepen, die reparaties aan de stam heeft uitgevoerd. Alle stormen en andere gevaren overleefd, tot op die ene…

De eik bij de Waarbeekschool in betere tijden, © Jozef de Bot                      
Jozef de Bot, de Hengelose kunstenaar die bekendheid geniet door o.a. zijn tekeningen van de stad en haar ontwikkeling, heeft deze monumentale zomereik jaren geleden in een van zijn werken vereeuwigd. Door de inzet van klompenmaker en natuurliefhebber Jan Hendrik Groothuis hebben we nog een eeuw van deze fraaie boom kunnen genieten.

donderdag 15 juli 2010

Zomerstorm


Deze honderdjarige eik aan de Drienerparkweg heeft de zomerstorm van 12 juli niet overleefd. In korte tijd richtte een over Hengelo trekkende windhoos een spoor van vernielingen aan. De gevolgen van het noodweer zullen nog lang zichtbaar zijn, want er zijn heel veel bomen omgewaaid of beschadigd. De Grundel is een van de buurten die zwaar is getroffen. Overal, in particuliere tuinen en langs de straten, zijn bomen omver gegaan of zo zwaar beschadigd dat kappen onontkoombaar is. De prachtige Grundellaan mist 5 oude linden. In de Breukersweg werd een monumentale eik omver geblazen die 3 huizen zo ernstig beschadigde, dat de bewoners geëvacueerd moesten worden.
Ook de Enschedesestraat heeft een harde klap gehad en verloor een groot aantal iepen. Tussen de Grundellaan en de Kuypersdijk staan er nu nog maar drie overeind. Wat over blijft is een kale boel. Aan de Bataafse Kamp gingen 3 oude bomen om en kastanjes in het Bernhardplantsoen verloren dikke takken. Ook in Veldwijk gingen prachtige oude linden tegen de vlakte. De verliezen aan bomen zijn bij een hevige zomerstorm vaak groot, omdat alle blad nog aan de takken zit. De luchtweerstand is daardoor veel groter dan in de herfst of winter.

Op de oude begraafplaats ging gelukkig geen enkele boom verloren. Er vielen wat kleinere takken omlaag van de lindebomen langs de lanen en dat was alles. Niet de storm maar de mens is daar de grootste vijand van het groen. Nu Hengelo in één klap een groot aantal fraaie bomen kwijt is geraakt zou dat een reden te meer moeten zijn om zuinig te zijn met wat we nog hebben. Het getuigt niet van wijsheid om tientallen gezonde bomen op te offeren voor een plan dat beoogt om het kerkhof een formeler karakter te geven. Een modegril onder de vlag van duurzaam beheer, veel meer is het niet. We hebben dat groen veel te hard nodig om de stad leefbaar te houden.

vrijdag 9 juli 2010

Een vrouwelijke boom


Lindebomen hadden lang geleden een religieuze betekenis. Zij werden door Keltische en Germaanse volkeren beschouwd als vrouwelijke bomen en geassocieerd met Freya, godin van de liefde en de vruchtbaarheid, wier naam terug te vinden is in vrijheid, vrijen en vrijdag. Met de productie van duizenden zaadjes per boom zijn linden zeker een toonbeeld van vruchtbaarheid.

Bij de kerstening van ons land werden de kerken vaak gebouwd op plekken waar voordien heidense bijeenkomsten werden gehouden, zoals op de plaats van heilige bomen, meest linden en eiken. Aanvankelijk werden ze gekapt in opdracht van missionarissen om zo de overgang naar het christendom te stimuleren, maar daar kwam men van terug. Het was effectiever om gebruik te maken van deze heidense elementen door een nieuwe kerk naast een heilige linde te bouwen. De linden werden verbonden met de heilige maagd Maria.

Volgens de overlevering heeft ook naast de in 1840 gesloopte kerk op de oude begraafplaats een linde gestaan, die in het midden van de 18e eeuw vanwege ouderdomsgebreken gekapt zou zijn. Waarschijnlijk is deze boom geplant bij de bouw van de kerk in de 14e of 15e eeuw, maar het kan ook zijn dat deze linde dateert van de bouw van een nog oudere kerk. Linden kunnen immers tot 1000 jaar oud worden. In 1901 maakte L.M. Steenbergen aan de hand van verhalen die nog leefden onder de Hengelose bevolking een reconstructieschilderij van het Huys Hengelo en de bijbehorende kerk op de begraafplaats. Daarop is te zien dat er een hoge lindeboom stond vlakbij de kerk op een plek niet ver van waar nu de linde staat die de VGO wil kappen. Zou het niet heel mooi zijn om die linde daar toch te laten staan, als een zichtbare band met het verleden? De nadelige effecten voor de naastliggende magnolia zijn te ondervangen door het opsnoeien van de linde. Lindebomen kunnen zelfs een stevige snoei prima verdragen. Het is spijtig dat de VGO zich zó blind staart op terugkeer naar de situatie tussen de wereldoorlogen dat dit groene erfgoed geen waarde wordt toegekend. Natuurlijke opslag moet van de VGO het veld ruimen, maar is deze boom wel natuurlijke opslag?

dinsdag 6 juli 2010

Een waterval van bloemen


In tienduizendvoud beginnen de bloemen van de 33 krimlinden op de oude begraafplaats te ontluiken. Lang hebben we moeten wachten, maar nu gaat het snel en ondergaan de donkergroen gebladerde bomen een kleurverandering naar lichtgeel door de aanzwellende bloesempracht. Krimlinden hebben een smalle kroon met takken die steil omlaag duiken tot bijna op de grond, en die volop bezet zijn met bloesems, een ‘waterval’ van kleine maar prachtige bloemen, die zacht en aangenaam geuren. Waar in het voorjaar vooral de magnolia’s de show stelen, trekken nu de bloeiende lindebomen alle aandacht. Het is geen wonder dat deze circa 100 jaar oude bomen een hoge waarde wordt toegekend.

Minder gelukkig is een linde die afgezonderd staat van alle andere, wat links van de monumentale stenen bank. Hier staat een linde. Deze boom is een jaar of 40 oud, maar de VGO wil hem kwijt, want volgens de vereniging gaat het hier om natuurlijke opslag. Iets dat zo maar komt aanwaaien, past niet binnen het concept van de Franse stijl en dient verwijderd te worden. Is dat verstandig?

Dat iets natuurlijke opslag is vind ik geen reden om het weg te vagen, maar ik ben dan ook geen grote liefhebber van de Franse stijl. Ik ga hier aan voorbij en probeer te ontdekken of er nog iets anders een rol zou kunnen spelen. De linde staat op 5 meter afstand van een oude, breed uitgegroeide magnolia. De kronen van de twee bomen raken elkaar, maar er is niets aan de hand. De magnolia heeft prachtig gebloeid en zit prima in het blad. Ook de ongeveer 15 meter hoge linde is kerngezond. Het gevaar zit in de groei. Terwijl de krimlinden maar 20 meter hoog kunnen worden, kan een zomerlinde onder gunstige omstandigheden wel 40 meter de hoogte in groeien. De vraag is wat zo’n uitdijend gevaarte doet met de naastliggende magnolia. Magnolia is gelukkig een sterke boomsoort, maar als de linde op termijn te veel licht wegneemt bestaat het risico dat dit afbreuk doet aan de magnolia. Gelukkig zal het nog heel lang duren voordat deze jonge boom volgroeid is, en op zandgrond zal het wel helemaal niet zo’n vaart lopen. Maar toch is dit iets waar je niet zomaar aan voorbij kunt gaan. De zaag erin is de gemakkelijkste weg, maar zou er geen betere oplossing zijn?